De SP en de vakbonden – die steeds meer met elkaar verweven raken – schreeuwen moord en brand over de bezuinigingen op de sociale werkplaats. Nederland gaf in 2012 een slordige 2,4 miljard uit in het kader van de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) en behoort daarmee tot de top van Europa. Deze uitgaven behalen niet het beoogde doel. Want felle tegenstanders van bezuinigingen op de WSW gaan voorbij aan het feit dat de sociale werkplaats eerder het tegengestelde bereikt dan waarvoor het is opgericht: de emancipatie van mensen met een beperking. Als maatschappelijk werker kom ik veel verhalen tegen van burgers die niet worden aangesproken op hun talenten en mogelijkheden. Gelukkig biedt de Participatiewet een beter perspectief.

Neem Henk, een volwassen man van rond de 60 met een lichte verstandelijke beperking – maar met veel sociale vaardigheden. Henk is heel joviaal en zit boordevol goede ideeën. Hij vroeg de wethouder waarom een beleidsplan over maatschappelijke ondersteuning van pagina’s dik vol ambtelijke taal, geen simpele versie kent zodat hij het ook kan begrijpen. Dit beleid gaat tenslotte over hem. En daar hadden de wethouder, raadsleden en ambtenaren nog niet aan gedacht. Zo zet hij zich vrijwillig in als voorzitter van Onderling Sterk, een belangenbehartigingsvereniging voor mensen met een verstandelijke beperking. Henk werkt bij, de sociale werkplaats in Nijmegen en omgeving. Elke ochtend om 7.00 uur wordt hij opgehaald met een busje om zeven dorpen verderop aan de lopende band kauwgom in te pakken in een snoepfabriek. Bezigheidstherapie. ’s Avonds om 17.30 uur is hij weer thuis en dan begint zijn vrijwilligerswerk.

Ik vroeg Henk of hij het naar zijn zin had op het werk, toen ik hem tegenkwam bij een wijkbijeenkomst. Er kwam een terneergeslagen blik over zijn gezicht. Hij werd er eerder depressief van. Aan de slag in het wijkcentrum zag hij wel zitten, al is het maar om koffie te schenken. Want Henk is een echt mensen-mens en zou veel meer tot zijn recht komen in een werkomgeving waar buurtbewoners samenkomen en sociale interactie plaatsvindt. Hij wil zich niet continue bewegen onder mensen met een verstandelijke beperking, maar mee kunnen doen in de maatschappij en het leven van alledag.

Ik geloof dat een werkplek die een beroep doet op je talent en kracht in belangrijke mate bijdraagt aan het algehele geluk en welzijn. Hopelijk vindt Henk een plek die beter bij hem past, maar het huidige systeem houdt hem min of meer gevangen op de plek waar hij nu zit. Beperking? Dan krijg je snel een stempel via een WSW indicatie en mag je aan de slag bij de monopolist – de sociale werkplaats in de gemeente. Het enige alternatief is een dagbestedingsplek, maar het nadeel daarvan is dat je geen loon ontvangt maar terug moet vallen op een uitkering.

Vier cliënten hebben de afgelopen maanden bij me aangegeven zich niet langer prettig te voelen op een dagbesteding of sociale werkplaats, omdat ze het simpele productiewerk te eentonig vinden en een verspilling van hun talenten. Ze willen liever aan de slag bij een fietsenmaker, een bloemist of in een verzorgingstehuis.

Staatssecretaris Klijnsma en haar ambtenaren werken momenteel hard aan de Participatiewet, die als hoogste doel heeft de integratie van gehandicapten op de arbeidsmarkt te bevorderen. De contouren van deze wet worden steeds duidelijker. Er wordt een quotum ingevoerd om de werkgevers eindelijk over de streep te trekken en te dwingen gehandicapten aan te nemen. Men kan een beroep doen op een jobcoach om een geschikte werkplek te vinden en de passende begeleiding te organiseren. Het verlies aan arbeidsproductiviteit wordt financieel gecompenseerd. Een aanvulling op een WAJONG-uitkering behoort tot de mogelijkheden.

Gehandicapten verstoppen achter de muren van een sociale werkplaats is allesbehalve sociaal. Het is de hoogste tijd dat deze groep gaat emanciperen door te participeren. Meedoen in de maatschappij moet het uitgangspunt zijn. Het moet doodnormaal worden dat je bij de supermarkt om de hoek, het gemeentehuis en de bakker wordt geholpen door mensen met een fysieke, verstandelijke of psychische beperking. Erbij horen, meetellen en je talenten ontwikkelen: het zijn universele behoeften.

Is een quotum wel wenselijk en nodig om dat voor elkaar te krijgen? Ja, dat toont het verhaal van Stephan de Wit dat onlangs verscheen in de Trouw. Ondanks zijn visuele beperking heeft hij zich weten op te werken via de mavo tot jurist met een academische titel. Ondanks zijn kennis en vaardigheden, komt hij niet aan de bak bij een advocatenkantoor en valt noodgedwongen terug op een WAJONG-uitkering. Een quotum dwingt werkgevers eindelijk hun bijdrage te leveren aan de arbeidsparticipatie van gehandicapten.

De onrust die momenteel heerst bij de sociale werkplaatsen is ook begrijpelijk. Voordat het alternatief goed is opgetuigd, wordt er al bezuinigd op het oude systeem. En de totale bezuinigingsopgave van 1,8 miljard euro op het hele arbeids-gehandicaptenveld is simpelweg te fors. Minder begrotingsdrift zou het kabinet sieren, want onzekerheid is het laatste wat mensen met een beperking kunnen gebruiken. En hulpmiddelen om iemand een werkplek te bieden die recht doet aan zijn/haar talenten en beperkingen, kosten ook geld.

Maar de uitgangspunten van de Participatiewet zijn veelbelovend, zeker omdat de staatssecretaris enkele middelen levert om deze omslag mogelijk te maken, zodat gehandicapten meer uitzicht hebben op arbeid die beter aansluit bij hun talenten en behoeften.

Mijn droom is een inclusieve arbeidsmarkt waar iedereen naar vermogen mee kan doen. Zoals in het dorpje Ammerstol met een vergrijsd inwonertal van 1500 bewoners en gekenmerkt door een “ons-kent-ons” cultuur. Onlangs prachtig in beeld gebracht door het NCRV programma “Altijd Wat.” Ammerstol kent een hele bijzondere burgemeester mét een verstandelijke beperking: Ronald.

Het verdwijnen van de lokale supermarkt enkele jaren geleden sloeg een gat in de gemeenschap. De supermarkt was de ontmoetingsplek en sociale cement van deze plattelandsgemeente. Om het samenleven in het dorp een nieuwe impuls te geven, hebben de SPAR en een welzijnsstichting een uniek winkelconcept ontwikkeld. Ronald van Nes is nu volwaardig supermarktmedewerker. Hij vult de schappen en brengt de boodschappen tot aan de voordeur van de oudjes van dagen. De supermarktmanager is ongelofelijk trots op dit personeelslid: hij zegt iedereen goedendag. Iedereen kent Ronald. Ze noemen hem daarom ook wel “de burgemeester van Ammerstol.” Dat de bewoners wat langer moeten wachten voor de kassa omdat Ronald wat langzamer is, deert niemand. Want de sociale cohesie is terug in het dorp, dankzij de supermarkt waar mensen met een beperking tot hun recht komen. Zo snijdt het mes aan twee kanten.

Louis de Mast is maatschappelijk werker in volkswijken en portefeuillehouder Sociale Zaken van DWARS – GroenLinkse Jongeren. Hij vindt dat iedereen een eerlijke kans verdient om mee te kunnen doen en heeft een broertje dood aan betutteling.

 

5 Responses to Emancipatie vind je niet op de sociale werkplaats

  1. Irene says:

    Ok, dus er zitten een aantal mensen niet op hun plaats in de sociale werkvoorziening. Goed dat dit gesignaleerd wordt, maar zou het niet zinvoller zijn om de lacunes in het huidige systeem te repareren in plaats van een volledig nieuw systeem uit te rollen? Zo moet de Radboud Universiteit sinds een tijd de fietsenmaker missen, die daar een sociale werkplek had. Misschien komt het huidige beeld van eentonigheid juist voort uit de al doorgevoerde bezuinigingen op dit gebied. Dat is zeer jammer, maar betekent niet (juist niet) dat het onderliggende systeem niet zou deugen.

    • jasper van s says:

      Een nieuw systeem opzich is wel een aardig idee. Er zijn in een geissoleerde omgeving slechts beperkte mogelijkheden en bovendien zijn er in het echte bedrijfsleven veel meer kansen voor ontwikkeling.

      Alleen de overheid heeft het vooral over bezuigingen en boete. Niet over hoe de zogeheten detachering van deze groep in gang wordt gezet. Laat staan hoe een druk om maar vooral te detacheren leidt tot betere arbeidsplaats terwijl de afbraak van het oude systeem al vol in gang is gezet.Trouwens in nijmegen zijn beide taken ondergebracht bij dezelfde partij. er wordt dus tegelijk bezuinigd en een totaal nieuwe opdracht meegegeven. En dat dan ook direct met een schreeuw om het oude systeem wat een brehoorlijke functie vervulde met flink tempo af te breken en er zoveel geld uit te trekken. Emancipatie was toch het doel en detachering het middel of zit het stiekem andersom?
      Als je personen detacheert dan lijkt me dat een pittige klus die je zorgvuldig met de juiste weg wil doen. Niet door gewoon opdracht te geven om het oude systeem af te breken en te zeggen dat het wel goed komt als men maar vooral detacheert. Zeker niet als je zelfs op het totaalplaatje nog direct wil bezuinigen ook.

      De fietesenmaker was dus onderdeel van het systeem waar men nu naar streeft. En zelfs de universiteit als min of meer maatschappelijke onderneming heeft er dus een op straat gezet. Terwijl de kosten voor een maaltijd in de refter stijgen bleef de service daar goed en spot goedkoop. Trouwens het koste mij als student jaren om te ontdekken dat er een fietsenmaker was op 50 meter afstand van waar ik les had en hetzelfde gebouw waar ik wekelijks meermaals ging eten voor op zijn minst de lunch. Tja geen wonder dat je fiets dan al na 1 dag klaar is met beperkt personeel.

      Het zal mij verder benieuwen wat het quotem brengt. De boete zal fixer moeten dan het kabinet van plan is. de afdeling P&O van het bedrijfsleven selecteert op een ijzeren profiel en op de totale vergoeding inclusief alle belastingen van jan met de pet is het maar de vraag of men niet gewoon die boete voor lief neemt. Men is toch bang voor wat men op zijn hals haalt. Er zal door de hervorming toch echt ook zichtbaar moeten worden gemaakt wat er te halen valt en dat een WSW´er na een korte aanlooptijd een hoop talenten kan brengen.
      Dus ja detachering is gaaf, maar als je het als overheid domweg forceert door de werkplaats af te breken, beperk je de mogelijkheden. Het is de vraag of de droom dan niet verder af komt te staan van de werkelijkheid. De WSW en in de toekomst trouwens de verantwoordelijkheid van de lokale overheden waar Groenlinks menig ambtenaar levert.

  2. Jelle Veraa says:

    Hey, moeilijk natuurlijk om het niet met het stuk eens te zijn 😉 Vraag die ik er nog wel door kreeg: heb je ook andere voorbeelden van succesverhalen?

    Ik vind de vergelijking tussen blijkbaar hoog intelligent iemand met een visuele handicap en iemand met een verstandelijke beperking een beetje als die tussen appels en peren. Beide bij de fruitboer te koop (ofwel Henk en Stephan vallen onder dezelfde wetgeving, impliceer je in je stuk) maar toch wel weer wezenlijk anders.

    • jasper van s says:

      appels en peren? Het is zelfs een slager, groenteboer en bakker in een. Alleen buiten de muren is er vooral het stereotype beeld van die winkel waar men nooit binnenstapt. En aangezien er 2000 man op de SW plek in Nijmegen en omgeving zitten, zijn er uiteraard een aantal succes verhalen die men kan noemen.

  3. Ilse says:

    Ah, dit is mijn straatje! Hier ben ik op afgestudeerd! Dit wil ik later gaan doen! Joepie!

    Meer goede voorbeelden… breek me de bek niet open. Als die allemaal ga vertellen dan loopt de server vast. Maar goed. In een notendop:

    – Een meisje, begin twintig, licht verstandelijk beperkt, heeft de droom om bij een kinderdagverblijf te werken. Dit kan natuurlijk niet. Een meisje met een beperking laat je niet de verantwoordelijkheid hebben over baby’s, peuters en kleuters. Toch was er plek voor haar in een kinderdagverblijf, als keukenhulp wel te verstaan. Zij zwaait nu al een paar jaar in haar eentje de scepter over het keukentje in de algemene ruimte van het kinderdagverblijf. Ze warmt melk op voor de baby’s, kan de afwasmachine managen als geen ander, ruimt de boodschappen op en bovenal geniet ze met volle teugen van alle kinderen om zich heen. Ze mag tussen de middag meelunchen met de kinders en dan waant ze zich even een echte leidster. ‘Zie je wel dat ik niet gehandicapt ben?? Ik heb werk!’, dat is wat zij zegt. Iedereen zei altijd dat ze nooit wat zou kunnen, en nu doet ze dat toch. Wat zijn haar ouders trots!

    – Hij is een man die al veel heeft meegemaakt. Heeft geprobeerd zelfstandig een leven op te bouwen. Was getrouwd, nu gescheiden, heeft uit dat huwelijk twee puberkinderen waar hij apetrots op is. Bovendien kan hij erg opvliegend zijn als iemand iets zegt of doet wat hem niet zint. Door alle ellende heeft hij schulden gekregen en heeft wat problemen met alcohol gehad. Daar is hij erg vatbaar voor: een kenmerk van zijn licht verstandelijke beperking die pas laat in zijn leven herkend werd. Nu heeft hij een jobcoach die hem ondersteund in zijn werk in de keuken van een museum. Eindelijk een vast dagritme, en de erkenning dat hij wél iets goed kan.

    -Hij heeft een spierziekte, kan eigenlijk alleen zijn vingers en gezicht nog bewegen. Zo heel veel jaren perspectief heeft hij niet meer. Heeft uren zorg per dag nodig. Wat kan hij nog? Nou, hij heeft nog een gezond stel hersenen, en zolang hij met zijn vingers nog een muis kan bedienen, doet hij het prima als administratief medewerker in een klein bedrijf. Maar 2 dagdelen in de week weliswaar, want meer is hem te vermoeiend vanwege zijn ziekte. Maar hij doet zinvol werk, en houdt er leuke sociale contacten aan over. Want hoe veel zijn lichaam ook weigert: praatjes en zelfspot zal hij zijn hele leven blijven houden.

    – Wat nou verstandelijk beperkt? Noem het hoe je wilt, maar hij werkt al jaren als congiërge op een basisschool. Brieven, kleurplaten, knutselsjablonen: niemand kan het kopieerapparaat managen zoals hij. Moeten de wielen van de speelkar gesmeerd worden? Geen probleem. Oud papier weggebracht, fietsband geplakt? Laat dat maar aan hem over. Zelfstandig wonen lukt hem niet, en ook de financiën laat hij nog aan zijn ouders over. Maar werken kan hij, als een paard.

    -De automonteur die aan een ongeluk een hoge dwarslaesie overhoudt, en na revalidatie gewoon weer bij zijn oude baas aan de slag kan… als telefonist!

    Allemaal met mijn eigen ogen gezien of aan meegewerkt! Genoeg voorbeelden? Of wil je er nog meer? 🙂

    Waar ik me wel zorgen om maak, is dat zo’n quotum mensen verplicht om dit werk te gaan doen. Ik heb een aantal bedenkingen:

    – Is iedereen wel geschikt om de ‘grote boze wereld’ in te gaan? Een sociale werkplaats is voor veel mensen ook juist een geschikte plek, omdat het zo beschermd is. Ik ken ook genoeg voorbeelden van mensen die wel de capaciteit hebben om buiten de SW te gaan werken, maar dit op sociaal-emotioneel gebied echt niet zouden trekken.

    – Er wordt wél stevig bezuinigd op Jobcoaches, terwijl die nu al worstelen om hun cliënten voldoende ondersteuning te bieden.

    – De stap van SW naar dit soort projecten is voor veel cliënten te groot. Ik heb tijdens mijn afstuderen onderzoek gedaan naar een nieuw project wat deze stap minder groot zou moeten maken, of juist een definitieve plek zou kunnen zijn voor hen die tussen wal en schip vallen. Dit staat echter nog in de kinderschoenen en stuit bij veel potentiële partnerbedrijven op verzet: we moeten wel personeel wegbezuinigen, maar gaan vervolgens gratis gehandicapten aan het werk zetten?

    – …en dat is precies waar de schoen wringt. Na ontslagen pikken werknemers het ècht niet dat er ‘zo’n gehandicapte’ in dienst komt om ‘hun baan in te pikken’.

    – het is crisis. Er is weinig werk. Studenten studeren korter, ouderen werken langer door. Waar ga je deze groep mensen met een beperking dan laten, als er zo’n quotum komt??

    Verder ben ik op alle vlakken gewoon enorm voorstander. Om alle eerder genoemde redenen, maar ook omdat het de werkgelegenheid voor mij weer zou vergroten 😉

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*