Door Wouter van Acker

Bij de Tweede Kamerverkiezingen van 2010 werd de PVV in twee van de drie Zeeuws-Vlaamse gemeenten de grootste partij. Net als het grootste deel van Limburg is Zeeuws-Vlaanderen een rurale, christelijke en matig-conservatieve gemeenschap. Een CDA-bolwerk dus, waar ze in 2006 nog soeverein was. Die Zeeuws-Vlamingen moesten gepaaid en teruggewonnen worden, moeten de christendemocraten gedacht hebben. En wie kan dat beter doen dan de Zeeuwse CDA-dissident Koppejan, belichaming van het ‘andere CDA’, die overigens keurig met de partijlijn meestemt en nog nooit gedeserteerd heeft.

Nadat eerst de Zeeuwse premier Balkenende al niet aan de ontpoldering van de Hedwigepolder wilde komen, kwam het goed uit dat de regeringspositie voor landbouw en natuurbeleid wederom naar een CDA-er ging. Onder leiding van Neerlands favoriete paardenfokker kon Koppejan dan mooi de problemen van de Zeeuws-Vlamingen verwoorden, en zo de harten van dat nuchtere, zuinige volk terugwinnen. Een onderwerp dat hen naar het hart ging was het doorsteken van de dijken rondom de Hedwigepolder. Daar zouden de CDA-tanden in gezet worden. Onderzoeksrapporten, budgettaire beperkingen, de Europese Commissie en afspraken met België mochten daarin geen rol spelen. De Zeeuws-Vlamingen zouden gered worden.

Letterlijk iedere Zeeuws-Vlaming kent de anekdote over de staatssecretaris die als antwoord op schriftelijke vragen vanuit het parlement voorstelde dat de Zeeuws-Vlamingen zich maar tot hun eigen regering in Brussel moesten wenden. Dat is het sentiment dat hier heerst. De Zeeuws-Vlaming wordt in de steek gelaten, vergeten, maar wanneer men een polder van ons nodig heeft komen ze langs. Tja, dan zou ik ook pissig worden. Immers, wat denkt u dat onze prioriteiten zijn? Dacht men werkelijk de Zeeuws-Vlaamse stem voor zich terug te kunnen winnen door het voorkomen van de verhuizing van een handjevol boeren, terwijl de economie er al jaren krimpt, alle jeugd er wegtrekt, de bloeiende bankensector sinds de invoering van de euro ineengestort is en het aantal banen voor hogeropgeleiden telkens maar verder en verder wegzakt?

Zeeuwen geven geen land terug aan de zee” hoorde ik een CDA-er ooit als argument aandragen. Wat dacht hij? Dat wij in de zestiende eeuw zijn blijven steken? Dat wij nog steeds niet zijn bovengekomen van het worstelen? Dat wij niet rationeel na kunnen denken zodra het om zout water, dijken en polders gaat? Het is waar dat de ontpoldering tot wat protest leidde. Een handjevol boeren en 50-plussers – met alle respect – gingen met wat spandoeken de dijk op om te demonstreren tegen deze inmenging vanuit Den Haag. Maar als er één ding is waar de Zeeuws-Vlaming het moeilijk mee heeft, dan is het wel het gebrek aan inmenging vanuit Den Haag.
De protesten vanuit Zeeuws-Vlaanderen (die nog steeds bij langer na niet door de meerderheid van de bevolking gedeeld werden) gingen niet over de Hedwigepolder, maar waren afgeleid vanuit een dieper liggend sentiment: het gevoel constant door Nederland en Den Haag vergeten te worden.

Waar Zeeuws-Vlaanderen zonder kan is de Hedwigepolder. Waar Zeeuws-Vlaanderen niet zonder kan is een coherent en verregaand stimulatie pakket om het onderwijs, de arbeidsmarkt en de economie weer aantrekkelijk te maken. Het aantal arbeidsplaatsen voor hogeropgeleiden moet verhoogd worden. Het aantal HBO-opleidingen dat op het ROC gevolgd kan worden moet verhoogd worden. De mogelijkheden en voordelen voor bedrijven om zich in Zeeuws-Vlaanderen te vestigen en zaken te doen moeten verbeterd worden. Daar is Den Haag voor nodig.

Als het CDA weer terug de grootste wilt worden in Zeeuws-Vlaanderen, dan laten ze de Hedwigepolder voor wat het is, en houden we nog net vast aan onze reputatie als betrouwbare partner binnen de Europese Unie, en van België in het bijzonder. U kunt zich voorstellen dat Zeeuws-Vlamingen ook weinig profijt halen uit een reputatie als onbetrouwbare lui die hun afspraken niet nakomen. Dat kan de economie er ook nog wel bij hebben.

Als het CDA weer terug de grootste wilt worden in Zeeuws-Vlaanderen begint ze met het opstellen van écht beleid, en belangrijker: begint ze zich daadwerkelijk te interesseren voor Zeeuws-Vlaanderen. De ruim 100.000 Zeeuws-Vlamingen zijn meer waard dan dit goedkope populisme om hun stem terug te winnen. Want uiteindelijk is dat alles dat het is.

Wouter van Acker is student Europese Politiek in Leuven (België). Dit artikel verscheen op maandag 2 april als opiniestuk in de Volkskrant.

5 Responses to Waarom Hedwige de Zeeuws-Vlaming eigenlijk niets interesseert

  1. Pepijn says:

    Mooi stuk, Wouter!
    Dat de auteur volgens Vrij-zinnig ‘Import’ heet, zegt dat iets over het beleid van de redactie t.a.v. Zeeuws-Vlamingen?

    • [noot namens de redactie]
      Dat de auteur “Import” gedoopt is, is omdat het bericht eerder elders verscheen (Volkskrant) en het momenteel geen geregistreerde/vaste auteur van “Vrij-Zinnig.nl” betreft.

  2. Herman says:

    Als Drent kan ik me prima inleven in de positie van de Zeeuwen. Vaak bestaat in de meer perifere provincies van Nederland het gevoel door Den Haag vergeten te worden. Dat gevoel is vaak ook terecht. Werkgelegenheid blijft achter, infrastructurele investeringen blijven uit en regionale voorzieningen zijn beneden peil. Dat soort zaken maakt vatbaar voor populisme. Het is niet voor niets dat de PVV in Limburg zo goed scoort.

    Ook in veel andere perifere gebieden, waar werkloosheid en een gebrek aan betrokkenheid van Den Haag samenvallen, scoren populistische partijen goed. In de gemeente Emmen, waar ik zelf mijn jeugd heb doorgebracht, is het percentage PVV-stemmers schrikbarend hoog evenals het gebrek aan werk en perspectief. Om niet te spreken van Oost-Groningen waar het decennialange succes van links-populistische partijen samenvalt met een evenzeer al decennia durende torenhoge werkloosheid en armoedeproblematiek.

    Dus ik ben het geheel met Wouter eens. De Haagse politiek zou zich veel meer moeten interesseren voor regio’s buiten de Randstad. Anders creëert ze een actieve voedingsbodem voor ressentiment en populisme.

  3. Arno says:

    Dat kan ik me heel goed voorstellen, al zijn er ook regio’s waar de afkeer van Den Haag en de Randstad niets te maken hebben met gebrek aan aandacht. Ik kom zelf uit Eindhoven, een van de booming regio’s van Nederland als het gaat om economie en dan met name kenniseconomie. Echter, ik denk dat menig Brabander het gevoel kent als dom, onbelangrijk en soort reserve-Belg behandeld te worden.

    In hoeveel reclamespotjes heeft een ‘dom’ persoon een Brabants accent? Sterker nog, mocht je als Brabander, en dat geldt vast ook voor andere regio’s, een baan krijgen in de Randstad, dan mag je vaak op ‘taalcursus’ om van die zachte G af te komen…

    Het gaat in veel gevallen vooral om het superieure gedrag dat veel Hollanders uitstralen, het volkomen automatisme waarmee ‘Holland’ gelijk gesteld wordt aan ‘Nederland’ e.d.. Dat wekt irritatie en als dat gecomineerd wordt met achterstand kan het haast niet anders dat populisme er wel bij vaart.

  4. jasper s says:

    Het allemaal heel goed waar kunnen zijn. Echter ik hoor ook dat het werkloosheidspercentage in Zeeland gelukkig bijzonder laag is. Verder draaien de Belgische buren ook niet slecht. Ik had niet de indruk dat men het in Zeeuws Vlaanderen een slechte periode doormaakte. Voor zover het in de middle of nowhere op een half Eiland uberhaupt aansluiting kan vinden dan.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*