Vroeger, toen het geld nog van hout was, was echt niet alles beter. Toch romantiseer ik wel eens dat mensen honderd jaar geleden beter wisten waar hun producten vandaan kwamen. Daarmee bedoel ik niet die IKEA kast die werd gemaakt van gelijmd zaagsel met golfkarton, dat is nog tot daar aan toe. Nee, tegenwoordig denken snotneuzen op de basisschool dat melk uit een fabriek komt, een soort chocolademelk van witte chocolade. Het confronterende is alleen dat ik ook niet weet waar de melk vandaan komt. Natuurlijk, melk komt uit een koe, en vond haar weg in een pak – suit up! – via de supermarkt naar mijn koelkast. Maar welke koe? Op welke boerderij woonde zij? Wat at ze? Hoe vaak stond ze buiten en in wat voor weide?

Ik stel me voor dat zo’n honderd jaar geleden men meestal wist van welke boer de melk afkomstig was, en door wie de kleding in de kast vervaardigd werd. Misschien ben ik daar wat optimistisch in, maar zeker is dat de routes van bron tot consument de afgelopen eeuwen vager zijn geworden. Een kuipje vlees in de supermarkt werd zo een generiek product: het heeft een vorm en het heeft een kleur, maar vooral een generieke naam en voor velen een allesbepalend prijskaartje. En zo geldt dat voor nagenoeg alle producten in de winkels.

En vreemd is dat niet. Wij, Homo Consumentus, hebben wel wat anders te doen dan als hobby-detectives te achterhalen waar Friesche Vlag haar pakken rijstepap mee volpompt. Toch is het een gemis, want onbekend maakt onbemind. Groente uit eigen tuin voegt voor velen iets extra’s toe aan het eten, en die door oma gebreide das vinden we ook extra bijzonder. De gevoelswaarde, de associatie bij de herkomst, kan erg bepalend zijn voor de beleving.

Helaas hebben nog maar weinigen een moestuintje (och wat lijkt me dat stiekem leuk). De wereld is veranderd en wij veranderden mee. Toch wil ik graag meer details over de herkomst van wat ik koop. De dierenbescherming doet met haar “Beter leven kenmerk” met 1 tot 3 sterren een stap in de goede richting voor wat betreft diervriendelijkheid. Maar waarom gaan we niet wat verder? Via de website van Albert Heijn kan de consument opzoeken van welke plantage de UTZ Certified Perla koffie komt. Nog mooier zou ik het vinden als de supermarkt deze informatie direct zelf zou aanbieden. Waarom geen folder die aangeeft waar de verschillende kipfilets vandaan komen? Liefst met foto’s uit de stallen, maar tenminste met een opsomming van de minimale criteria waaronder de kip leefde. Natuurlijk kost dat geld om op te zetten, maar volgens mij is dat een schitterende manier voor een supermarkt om zich te profileren. Bovendien zullen consumenten daardoor veel eerder bereid zijn meer voor hun filet neer te leggen. En hoe zit het in de fabriek waar mijn spijkerbroek vandaan kwam? Hoe verhielden de uurlonen van de fabrieksarbeiders zich tot de kosten van levensonderhoud in dat land?

Volgens mij verdienen consumenten veel meer dergelijke informatie bij hun aankopen. Is het niet vreemd dat we zoveel producten aanschaffen zonder het geringste over de herkomst te weten? De supermarkt als “Black Box”? Gelukkig winnen steeds meer goede keurmerken in populariteit. Toch kan het nog veel beter en transparanter. Een voorbeeld hoe het niet moet trof ik dit weekend aan bij de HEMA. Daar werd koffie aangeboden met het “Rainforest Alliance” keurmerk (zegt helaas niks over arbeidsomstandigheden), maar bij nauwkeurige inspectie bleek dat slechts 30% van de bonen uit de zak daadwerkelijk gecertificeerd was. Over consumentenbedrog gesproken.

Wie een product koopt is verantwoordelijk voor de herkomst. Zo is ons kapitalistische systeem ingericht: de boer die zijn kippen verwaarloost voor een goedkoop eitje is niets meer dan een werkslaaf van de almachtige markt. Ook hij zou zijn kippen waarschijnlijk liever ruimte en daglicht geven, maar daarmee kan hij zijn broek niet ophouden.

Naast een schoon geweten levert informatie over de herkomst de consument een betere product-ervaring.

Veel van mijn vrienden zweren bij Grolsch en Hertog Jan, maar wijzen bij een blinde smaak-test steevast AH Pilsener als winnaar aan. Commercie leert ons dat we gevoelig zijn voor imago, al wens ik soms dat het niet zo was. Misschien wordt het tijd om daar eerlijk van te gaan genieten in plaats van het te ontkennen. Where wisdom is bliss, it’s folly to be ignorant. Alleen dieven verzwijgen de herkomst van hun waar.

16 Responses to Black Box Supermarkt

  1. Lisa says:

    Mooi pleidooi Joep, alhoewel het de gemiddelde consument helemaal niets kan schelen of het product dat zij kopen wordt gemaakt door driejarige ondervoedde kindertjes of een zelfstandige die met een lach op zijn gezicht zijn werk doet. Dat bewustzijn waar je het over hebt werkt bij de hoogopgeleide idealist, niet bij de gemiddelde consument.

    • Volgens mij hoef je niet hoog opgeleid te zijn om idealist te zijn, hoewel de verdeling waarschijnlijk inderdaad niet helemaal homogeen is tussen de verschillende sociaal economische klassen. Toch denk ik dat mensen door alle lagen van onze bevolking kunnen worden verleid zich te interesseren voor de herkomst van hun producten, en dat juist daarom een toegankelijke presentatie van deze herkomst van geweldig belang is.

  2. Frank says:

    Ik ben het hier met Joep eens. Mijn ervaring met mensen om mij heen is dat idealisme en betrokkenheid geen functie zijn van opleidingsniveau. Er zijn genoeg hoogopgeleiden die het geen bal kan schelen dat hun koffie door slaven is gezet, en evenzo zijn er voldoende niet-hoogopgeleiden die hier best veel problemen mee hebben.

    Waar volgens mij de crux zit, is dat het als hogeropgeleide makkelijker is om zelf uit te zoeken wat wel en niet aanvaardbaar is. De drempel voor niet-hoogopgeleiden wordt dan al snel te hoog, en men accepteert de situatie als iets waarin men geen verandering kan aanbrengen. De oplossing daarvoor zit hem juist in wat Joep nu voorstelt: de herkomst van producten duidelijker maken. Maar ook andere productie-consumptieketens opstellen. Denk aan bijv. een Odinpakket, of koffie/olijfolie/wijn direct van de (bekende) boer. Het lijkt me dat het veel meer de opbouw van onze samenleving is (weinig tijd, gericht op gemak en consumptie etc.) die het mensen lastig maakt ethisch in te kopen, dan dat mensen zelf per definitie onwillig zouden zijn.

  3. Lisa says:

    Wacht even, ik meende niet de nadruk te leggen op het woord ‘hoogopgeleid’. Mijn punt is dat het merendeel van de Nederlanders niet geinteresseerd is in de afkomst van hun producten. Natuurlijk hebben bedrijven een verantwoordelijkheid, maar een omslag kan moeilijk plaatsvinden als er geen vraag naar is.

  4. Kristel says:

    Hmm, dat is niet helemaal waar Lisa. Uit onderzoek blijkt keer op keer dat veruit de meeste mensen (uit alle lagen van de bevolking) het afkeuren dat producten worden gemaakt onder slechte arbeids- en milieuomstandigheden. Het probleem is vooral dat er een groot verschil is tussen de burger en de consument: de burger vindt dat soort dingen verwerpelijk, de consument wil gewoon lekkere/mooie en goedkope producten.

    Het probleem ligt vooral in die discrepantie. Vervolgens begint het grote wijzen: de burgers vinden dat bedrijfsleven en politiek ervoor verantwoordelijk zijn dat de basisomstandigheden op orde zijn; de politiek vindt dat de verantwoordelijkheid bij de markt (vraag- èn aanbodzijde) ligt en het bedrijfsleven tot slot vindt dat er eerst vraag moet zijn óf dat zij niet verplicht zijn om aan meer te voldoen dan de minimum wettelijke vereisten (die misstanden dus niet afdekken).

    Het is echt niet zo dat het de consument niet interesseert, hij/zij wil er alleen zelf geen moeite voor moeten doen.

  5. Arno says:

    Het is inderdaad een combinatie: een groot deel is niet geinteresseerd en gaat sowieso voor het goedkoopste product. Deels komt dat ook door budgetaire redenen.

    Verder, als het gaat om vlees, dan zijn er ook gewoon veel verschillen tussen personen. Persoonlijk heb ik niet veel met dieren, maar wel met vlees. Ik wil best wat extra betalen, maar ik vind de minimale leefomstandigheden sneller voldoende als de schrijver van dit blog.

    Natuurlijk vind ik dat die minimale omstandigheden moeten worden nageleefd en dat overtreders moeten worden bestraft. Maar, als we onze minimale eisen in Nederland te hoog stellen, haalt men wel goedkoper vlees uit Roemenie, waar de omstandigheden nog veel belabberder waren.

    Ook is het voor een aantal mensen fijn om te weten waar alles vandaan komt. De vraag is echter of men ook bereid is de kosten die dit meebrengt te betalen. Dat wordt namelijk best duur, gezien het hele systeem geen nut heeft zonder controle. Elke eierboer zal een foto van vrolijk buiten in het zonnetje pikkende kippen op zijn doos zetten, dus de vraag is hoe je dit wil/kan organiseren.

    Ik denk dat veel mensen tevreden zijn als ze weten dat er voor al dit soort problemen minimale productievoorwaarden zijn, en dat die ook worden nageleefd. Als dat zo is, en daar is nog wel veel winst te halen, zal het mij geen barst interesseren of mijn eitje uit Barneveld of uit Lunteren komt.

  6. jasper van Sprundel says:

    Arno.
    Als wij kwaliteits eisen willen stellen aan onze producten dan kan dat best. Dat is gewoon een kwestie van keuring bij de verkoopkanalen. Als je daar eisen stelt kan men helemaal niet ontwijken via export uit de b markten. Want die komen dan niet door de inspectie.
    De rede dat de politiek onder aanvoering van het CDA is zoals gebruikelijk een sector economische. Men is bang dat dergelijke eisen onze eigen export onder druk zet. Men moet dan namelijk ineens ondernemend worden en een neiuw product ook in het buitenland aan de man te brengen. Of van product wisselen. En zoals als je hopelijk al gemerkt hebt erkend het CDA het recht om te boeren. Waarbij ondernemens in deze branch zoveel mogelijk beschermd wordt van negatieve concurrentie voorwaarden.

  7. Arno says:

    Kwaliteitseisen stellen is een stuk makkelijker dan eisen stellen aan de productie van producten. Een ei is kwalitatief goed als het vers en eetbaar aankomt: prima te controleren. Of de kip die het gelegd heeft ook een grote kooi of buitenruimte heeft gehad, is een stuk lastiger aan het ei te zien. Dan moeten onze inspecteurs allerlei landen langs gaan en boerderijen inspecteren. En dan ook nog na gaan welk ei van welke boerderij komt. En dan ook nog vertrouwen op de locale ambtenarij om dat netjes bij te houden. Lijkt me erg moeilijk, zeker als de oorsprong in Roemenie ofzo ligt. Die kippenboer schuift wat geld naar de ambtenaar, en plotseling is het ei van de meest vrolijke kip denkbaar afkomstig.

    En dan komt nog de vraag op of wij van de wereld handelsorganisatie wel producten mogen weigeren vanwege dit soort eisen. Kwaliteitseisen mogen zeker. Eisen als het gaat om slavernij en kinderarbeid mag ook. Maar of dat ook mag voor behandeling van dieren, dat weet ik niet.

    Dat het CDA wel enorm lijkt op een boerenfanclub ben ik helemaal met je eens. Zij laten het belang van een relatief kleine sector, de agrarische, wel erg zwaar meewegen in hun beleid. Enige oplossing: niet op stemmen.

  8. Lisa says:

    @Kristel, dank voor de aanvulling. Er zullen best mensen geinteresseerd zijn in de afkomst van hun product, maar de overgrote meerderheid handelt er niet naar. Als je aan mensen vraagt of ze het belangrijk vinden zullen de meeste mensen dit beantwoorden met een ‘ja’ en waarschijnlijk menen ze het dan ook. Maar waarom zien we dit nauwelijks terug in bijvoorbeeld de supermarkt?

    Als we teruggaan naar het voorbeeld van het ei, dan is het wel degelijk te zien waar het vandaan komt, dat staat namelijk op de verpakking. Tenzij hier mee gesjoemeld wordt, maar daar ga ik nu even niet vanuit. Waarom liggen de winkels nog steeds vol met eieren van kippen die in te kleine ruimtes worden gehouden? Zijn dit alleen budgettaire redenen of is het ook vaak gemak. Ik kan me voorstellen dat het argument ‘dit doosje lag het dichtst bij’ best eens een grotere rol kan spelen dan wenselijk is.

  9. jasper van Sprundel says:

    Ik weet niet of je het met eieren moet gaan doen. MAar we bij mijn weten heeft wakker dier al wat afspraken gemaakt met supermarkten over vleesproductie. Lijkt me dat we daar wel van op aan kunnen bijvoorbeeld

  10. @Arno: in de consumentengids (het blad van de Consumentenbond) stond deze maand een artikel n.a.v. een uitgebreid rapport over kipfilet, uitgevoerd in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie. Daaruit kwam pijnlijk naar voren hoe schrijnend de situatie voor de kip in de industrie is. En wat betreft “waar” de verantwoordelijkheden liggen: de sector wil geen bemoeienis van de overheid (en met het CDA aan hun zijde krijgen ze meestal hun zin) maar het vooral allemaal zelf reguleren, maar geeft vervolgens de schuld aan de consument. Of, zoals de consumentenbond het beschrijft: De sector steekt de kop in het zand en schuift de verantwoordelijkheid door naar de consument.. Voor een duidelijk overzicht met de leefomstandigheden van vleeskuikens kan ik je deze tabel van het voedingscentrum aanbevelen.

    @Lisa: je hebt gelijk dat de burger en consument vaak verschillend handelen. Toch denk ik dat de discrepantie daartussen sterk kan worden beperkt door informatieverschaffing. Want weet jij hoeveel ruimte welke legkip nou heeft bijvoorbeeld? Ik moet er elke keer weer opnieuw naar op zoek (en wordt iedere keer weer teleurgesteld). Zo geldt dat voor de consument ook. “Scharrelei” klinkt hartstikke in orde, maar helaas is de werkelijkheid anders. Ik denk dat als een supermarkt een lijst met de criteria voor “scharrel”, “vrije uitloop” en “biologisch” duidelijk zichtbaar zou ophangen, dat veel consumenten op basis daarvan een diervriendelijkere beslissing zouden nemen. En wat mij betreft niet alleen bij de eieren, maar ook bijvoorbeeld bij de mayonaise (tip: de lekkerste mayo van Calvé, is al een tijdje van vrije uitloop eieren! Extra aanleiding om die te kopen boven “gewone” mayo dus! Probeer vooral de Calvé Olijf-mayonaise eens, die is goddelijk :D).

    Je voorbeeld van de genummerd eitjes is een goed begin. De transparantie is daarmee sterk bevorderd, maar het blijft voor velen te vaag, met die nummertjes moet men alsnog zelf aan de slag. Volgens mij is die drempel echt nog steeds veel te hoog, en worden daarmee inderdaad slechts de mensen bereikt die je beschrijft. Dat is volgens mij dus niet nodig, als we de consument op consument-vriendelijke wijze beter informeren. Dat lijkt me een hele verdienstelijke maatschappelijke verantwoordelijkheid voor de verkoper.

    Het zelfde geldt volgens mij voor vlees. Bij twijfel zullen mensen niet meer geld willen besteden, en de supermarkt is momenteel niet de plek de plek waar de consument geïnformeerd wordt. Zoals ik in mijn blog bepleit zou dit bij uitstek de plek daarvoor zijn!

  11. Lisa says:

    @Joep, ik ben voor. Hangen we bij de vleesafdeling posters met varkens in te kleine hokken die met stroomschokmachhines in vrachtwagens worden gepropt en machines waarin schattige kuikentjes worden vermalen. Bij de eieren past een mooi plaatje van kippen die elkaar doodpikken omdat ze een te kleine ruimte hebben. En bij de koffie hoort natuurlijk een negerin met een paar kinderen, die onder barre omstandigheden koffie vermaalt.

    • Het zal je niet verbazen dat daar persoonlijk vooral niet tegen zou zijn. Helaas verwacht ik niet dat veel winkelketens al te schokkend informatiemateriaal zullen willen plaatsen.

      Volgens mij kan het echter ook minder schokkend, terwijl tegelijkertijd onderscheid wordt gemaakt tussen verschillende producten met hun voor en nadelen (waarvan je in de laatste categorie al een aantal voorbeelden gaf).

      Overigens is het malen van de koffie niet waar de misstanden plaatsvinden. Dat gebeurt voor onze koffie volgens mij voornamelijk in Europa. Het zijn als ik mij niet vergis de plantages waar het grote uitbuiten plaatsvindt.

  12. Arno says:

    @Joep: ik zeg ook niet dat er geen probleem is als het gaat om de leefomstandigheden van bijvoorbeeld kippen. Verder ben ik het ook met je eens dat, met het CDA aan de macht, de sector veel te makkelijk wegkomt met het afschuiven van verantwoordelijkheden.

    Mijn punt is juist dat ik het wel mooi zou vinden, maar dat het enorm moeilijk wordt om overal de productie-omstandigheden van te controleren, zeker als het gaat om producten uit het buitenland. Want reken maar dat als de belangen groter worden, de nijging tot frauderen hoger wordt.

    Verder is er voor vlees al zo’n, enorm simpel, keurmerk: het sterrensysteem van de dierenbescherming. Veel simpeler kan niet, en wat mij betreft is dat voldoende. Of wil je bij 1 ster verplicht een creperende, doodgepikte kip, bij twee sterren een gewone kip en bij 3 sterren een vrolijke kip met kuikentjes in Paas-stijl?

    • Zoals ik in de alinea “Helaas hebben nog maar weinigen […]” al schreef vind ik ook het sterren-systeem al een hele goede stap in de juiste richting. Ik denk dat als supermarkten hierbij nog wat verklarende informatie zouden aanbieden, dat het nog meer effect zou hebben, analoog aan wat ik over de genummerde eitjes te zeggen had op February 6, 2012 at 19:01. En natuurlijk bij producten waarin dergelijke producten zijn verwerkt.

  13. AfroTure says:

    Ik kan me niet voorstellen dat een winkeleigenaar er bezwaar tegen heeft als Joep vraagt of hij een A4tje mag ophangen naast de eieren met uitleg over de termen scharrel, vrije uitloop en biologisch. Als meer mensen daardoor duurdere eieren gaan kopen, winst voor de supermarkt. Het hoeft allemaal niet schokkend te zijn, puur informatief wil wel eens meer effect oogsten. Ik zou zeggen, Joep, ga d’r voor!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*