Waarom worden er nieuwe verkiezingen voor het de Tweede Kamer worden uitgeschreven als het kabinet valt? Dat vraagt Gerdi Verbeet zich niet geheel onterecht af in het Reformatisch Dagblad.

Het uitschrijven van nieuwe verkiezingen wordt vaak verkocht als “wij komen er samen niet meer uit, dus we vragen de kiezer welke kant hij op wil!“. Het klinkt heel logisch, maar eigenlijk slaat het als een tang op een varken. Als de partijen in een coalitie namelijk over gevoelige onderwerpen hetzelfde denken worden er gewoon knopen doorgehakt, maar komen ze er samen niet uit mag de kiezer plots wel meepraten. Terwijl een andere coalitie in dezelfde Kamer er waarschijnlijk prima samen uitgekomen was.

Een nadeel van democratie is dat de langetermijnplanning het nogal eens moet afleggen tegen kortetermijnwinsten. “Wie dan regeert, wie dan crepeert” lijkt welhaast het credo. Het is niet voor niks dat quasi-democratieën als Singapore veel beter presteren in tal van opzichten. Populisten krijgen er geen voet aan de grond, en de horizon van de planning ligt standaard niet na vier jaar, maar na pak ‘m beet twintig jaar. Indrukwekkende investeringen in onder andere onderwijs en onderzoek zijn het gevolg. Die kosten de eerste vijf jaar alleen maar geld, maar daarna kan de schatkist een veelvoud oogsten.

Toch zal ik niet pleiten voor het beperken van de macht van de burger. Wel denk ik graag na om de invloed van de burger constructiever te maken, en het landsbestuur bestendiger tegen de waan van de dag. Ik moest daarbij denken aan hoe sommige studentenorganisaties werken: daar wordt ieder jaar de helft van de bestuurders aangesteld voor een termijn van twee jaar. Op die manier wordt kennis veel beter overgedragen, krijgen nieuwe leden de tijd om zich in te werken, en wijzigt de koers niet ieder jaar volledig. De Amerikaanse senaat (die vergelijkbaar is met onze Eerste Kamer) hanteert overigens ook een soortgelijk systeem: iedere twee jaar wordt (slechts) één derde van de senaat gekozen.

Waarom doen we dit niet in onze Tweede Kamer? Iedere twee jaar kiezen we een gemarkeerde 75 van de 150 zetels. De parlementariërs worden altijd voor vier jaar aangesteld, en afhankelijk van de meerderheden in de Tweede Kamer kunnen kabinetten twee tot vier (of misschien wel zes?) jaar regeren. Wel lijkt het me verstandig een uiterlijke houdbaarheidsdatum van een kabinet af te spreken, zodat coalities, en niet in de laatste plaats ook ministers en staatssecretarissen, af en toe opnieuw worden aangesteld.

Parlementsleden kunnen op deze wijze altijd voor vier jaar aan de slag. Niemand schiet er iets mee op als, zoals de laatste jaren, parlementsleden gemiddeld slechts voor twee jaar gekozen worden. De verhouding “inwerktijd”/”productiviteit” is daarmee behoorlijk suboptimaal. Daarnaast zullen meerderheden in de Kamer minder sterk fluctueren – bij iedere verkiezing blijft immers de helft van de verdeling in tact. De kans is hierdoor groter dat kabinetten die steunen op een goede meerderheid in de Tweede Kamer hun meerderheid behouden na verkiezingen. Idiote fluctuaties zoals momenteel in de peilingen, waar de PvdA in een paar weken bijna is verdubbeld en de SP bijna gehalveerd, zullen daarmee meer uitgemiddeld worden.

Per Tweede Kamerlid krijgt de kiezer even vaak iets te zeggen als bij bijvoorbeeld de verkiezingen voor de gemeenteraad, die iedere vier jaar plaatsvinden. In dat opzicht wordt het dus niet meer of minder democratisch. De kiezer krijgt echter wel vaker iets te zeggen over deze koers, waardoor de invloed van de burger op de politiek misschien toch toeneemt.

Als je een grote boot bestuurt kun je beter regelmatig een beetje bijsturen dan af en toe het roer volledig om te gooien. Volgens mij is Nederland best een grote boot. Ik denk bovendien dat burgers vaker bij de samenstelling van de kamer betrekken ervoor zal zorgen dat deze minder harde rukken aan het roer zal willen geven.

Uiteraard zie ik met dit proefballonnetje tal van negatieve gevolgen over het hoofd. Brandt u in de commentaarvelden dus vooral los!

13 Responses to Sturen aan de boot der democratie

  1. Joris says:

    Interessante gedachte Joep! Ik vind het ook opvallend dat we na de val van een kabinet opnieuw naar stembussen moeten. Het mandaat van de kamer is er immers vier jaar.
    Of je genoemde oplossing de juiste is vraag ik me af. Ik zie drie bezwaren (en waarschijnlijk mis ik er dan ook een aantal):
    1) Het meest pregnante bezwaar is die van een (bijna) continue campagne. Iedere twee jaar worden er nieuwe parlementariërs gekozen, dus we zijn vrijwel constant met campagnes en verkiezingen bezig. Beloftes zijn in die tijd boterzacht en de rol van mensen (minister president of partijleider) worden ineens weinig helder. Ik zou nog eerder eens in de zes jaar verkiezingen willen om zodoende af te zijn van de verkiezingsellende.
    2) Het systeem wordt ingewikkelder. Veel mensen zullen deze opdeling niet begrijpen en weinig behoefte hebben aan (nog) meer verkiezingen. Ik ben bang dat politieke participatie (al is het alleen maar stemmen) zal verminderen.
    3) Bestuurlijke visies op lange termijn zullen nog minder uitgedragen worden. Immers, iedere twee jaar moet er gekozen worden. Geen partij brandt zich dan nog aan projecten die langer dan een paar jaar nodig hebben om rendabel te worden en daarmee bereik je eigenlijk precies het tegenovergestelde.

    Het behouden van kennis en kunde is een belangrijke pre, maar ik vraag me af of dit voldoende is tov de nadelen.

    • Mijn stuk heeft dan ook vooral als doel hetgeen we als vanzelfsprekend beschouwen te betwijfelen, in de hoop dat daar een beter begrip of juist betere alternatieven uit voortkomen.

      @1) Helaas hebben we sinds Paars I geen/nauwelijks campagnetijd meer gehad onder een *missionair* kabinet. Ik vind het daarom lastig in te schatten in hoeverre campagnetijd ook altijd een verlamming van de macht betekent. De huidige situatie heeft de afgelopen 10 jaar echter ook gemiddeld iedere 2 jaar verkiezingen opgeleverd. Wat dat betreft zou dat er in ieder geval niet op achteruit gaan. Wel valt hier veel beter omheen te plannen voor politieke partijen. Wat ook opvalt is dat de betrokkenheid bij de politiek door verkiezingen over het algemeen toeneemt. Mensen verdiepen zich in wat er speelt en meer mensen worden lid van een partij.

      @2) Het zou zeker goed moeten worden gecommuniceerd. Maar “we kiezen nu de helft en over twee jaar de andere helft” is nog altijd een stuk eenvoudiger dan ons systeem voor de senaat 🙂

      @3) Van een kabinet dat steunt op 80+ zetels is de kans dat ze bij herverkiezing van de helft van de zetels geen meerderheid halen klein. Het zou er zelfs toe kunnen leiden dat kabinetten met een groter draagvlak van het parlement een grote voorkeur krijgen. De leefbaarheid van een kabinet dat steunt op een coalitie van 76 zetels zal een stuk minder zeker zijn en meer geluiden uit de bevolking zullen wellicht worden meegenomen in regeerakkoorden.

      • Joris says:

        Hetgeen we als vanzelfsprekend beschouwen betwijfelen, is altijd goed. Alleen dan komen we vooruit!
        Ik denk dat wanneer een minister president gelieerd is aan een partij, verkiezingen altijd maken dat zij/hij minder slagvaardig is. Dan zouden we naar een systeem moeten waarin de minister president een capabel persoon is los van een partij. Daar ben ik overigens voor (is ook afdwalen van wat we vanzelfsprekend vinden).
        Wat betreft de andere twee punten: je hebt, denk ik, gelijk. Hoewel ik me kan voorstellen dat als het politieke landschap blijft verschuiven er zomaar een nieuwe meerderheid kan ontstaan (ook bij de helft van de zetels).

        • Dat laatste zou tegelijkertijd ook als ene kracht van het systeem kunnen worden beschouwd: de burger heeft iedere twee jaar de mogelijkheid om in te grijpen, in plaats van de huidige situatie waar de afgelopen 10 jaar iedere twee jaar de boel “sowieso” viel. Met een verlengd mandaat van de burger kan er doorgeregeerd worden.

          In het kader van succesvol dualisme zou het misschien helemaal geen slecht idee zijn dat politieke leiders in de kamer zitten. Verschillende partijen hebben in het verleden al laten weten daar voorstander van te zijn en bij het CDA is het momenteel toevallig ook het geval. Dat geeft zowel de ministerploeg als de partijleiders veel meer vrijheid om in hun functie zichzelf te zijn.

    • J. says:

      @Joris:
      Wat mij betreft mag elk jaar 1/4 v.d. kamer worden herkozen. Wellicht wat ongefundeerd, maar je zou kunnen beredeneren dat juist dan het goed is dat mensen vaker om hun mening gevraagd wordt, en dat kamerleden vaker gecontroleerd worden. Ik denk dat het te cynisch is te denken dat iedereen dan slechts voor een jaar gaat plannen. Juist doordat je het een meer continu proces maakt, zal ook de mogelijkheid tot continu (= lange termijn) beleid zich openen. Trouwens, ook nu hebben Rutte en Samsom tijdens de debatten niet alleen zoete broodjes gebakken; je ziet in het resultaat dat de kiezer dat best accepteert. Je dwingt kamerleden juist eerlijker te zijn, want ze moeten zich vaker verantwoorden.

      Verder:
      – Eens per jaar kiezen vind ik helemaal niet veel. In principe hoef je alleen even om te fietsen naar het stembureau. Lijkt me niet veel gevraagd.
      – Ik denk dat je juist ook kiezersparticipatie verhoogd omdat je kiezers ook wat meer macht geeft (want meer controlemomenten).
      – Ik ben het met Joep eens dat het absoluut niet ingewikkeld is. Ik ben overigens ook niet van mening dat je stemmen makkelijk moet houden, maar dat is een andere discussie.

  2. Frank Hemmes says:

    Om nog een vierde bezwaar toe te voegen: Er ontstaat een risico dat Kamer en kabinet politiek dusdanig verschillen, dat er geen beleid gemaakt kan worden. Dit zie je juist ook vaak gebeuren in de VS, als halverwege de termijn van een president van de ene partij, het Congres wordt overgenomen door de andere partij. De regering is dan welhaast vleugellam. Het risico hiervoor is in een meerpartijenstelsel wellicht kleiner, maar niet afwezig.

    Overigens wordt, voor zover ik weet, in de VS ook het Huis van Afgevaardigden elke twee jaar herkozen, maar dan integraal. Maar ook daar is de verkiezing van afgevaardigden onafhankelijk van de formatie van een kabinet.

    • Het lijkt me verstandig om, in contrast met de VS, geen kabinetten te formeren die niet kunnen rekenen op een meerderheid in het lagerhuis. Als een meerderheid ontvalt zal er moeten worden geherformeerd. Of dat nu na 2, 4 of 6 jaar is. In zoverre zou dat scenario zich niet voordoen.

  3. jasper s says:

    de oplossing is inderdaad niet erg constructief. Als je iedere 2 jaar de helft herkiest dan wisselt de kamer behoorlijk. Als je wil dat kabinet aan langge termijn beleid kan doen dan bereik je dat niet met een telkens ander parlement dat zaken naar een wisselende hand zet. Zeker aangezien coalities in NEderlandmet moeite boven de 80 zetels komen. De kans is dus groot dat met die formule je iedere 2 jaar het kabinet moet omvormen en dat het opperhoofd moet wieberen. daarbij als een kabinet eerder valt zit je een jaar in stilstand omdat het demisionaire kabinet danwel het nieuwe kabient over 1 jaar nog minder steun kan hebbn na de verkiezingen.
    Daarbij zit je inderdaad in permanente verkiezingstijd van 1 jaar danwel formatie van 5 maanden. Lijkt me beter om iedere 2 jaar iets van een kwart te wijzigen. Dan hou je partijen scherp maaar breng je ook enige stabiliteit in.

    • Als we 1/4e zouden herverkiezen dan wordt de zittingstermijn van een Kamerlid 8 jaar. Dat is wel erg lang vrees ik. Wat zou je denken van het systeem van de Amerikaanse senaat? Iedere 2 jaar 1/3e? Daarmee kom je ook wel een eind wellicht? Sluit ook nog eens mooi aan bij een voorgestelde afgesproken uiterste houdbaarheidsdatum van 6 jaar voor een kabinet 🙂

  4. jasper s says:

    Klopt bij duidelijk minder dan 1/3 moet je inderdaad onder die 2 jaar gaan zitten voor de wisseling. Wat trouwens ook niet bijvoorbaat een probleem hoeft te zijn als je maar een kwart wisseld.

  5. Maarten vR says:

    probleem met de voorgestelde oplossing is tevens dat politiek in NL (helaas) verbonden is aan poppetjes die op een bepaalde plek zitten. Het verkiezen van 75 nieuwe mensen in de Tweede Kamer kan met zich meebrengen dat voor de ene partij wel de positie voor de lijsttrekker verkiesbaar is en voor de andere partij niet. Het systeem wordt op die manier nog minder overzichtelijk dan die al is.

    Daarbij, we zien op dit moment al politieke vernieuwingen, zoals de afschaffing van de rol van de Kroon in het formatieproces. Hoewel daar nog genoeg haken en ogen aanzitten (hoe gaat dit proces nu lopen), geef ik de nieuwe kamer voorlopig het vertrouwen om te zien hoe met deze nieuwe “macht” wordt omgegaan. De partijen zijn nu zelf aan zet, zonder tussenkomst van een onpartijdige ongekozen macht. Hier kunnen best wel eens wonderlijke dingen uitkomen.

    Verder, de Tweede Kamer hoeft niet per se te worden ontbonden als een regering valt. Hiertussen zit geen causaal verband. Het is best mogelijk dat een nieuwe regering aantreedt voor de rest van het (kiezers)mandaat. Een mooi voorbeeld hiervan zie je overigens in Sint Maarten, waar nu een tweede regering is geinstalleerd zonder tussenkomst van verkiezingen, voor de duur van het lopende mandaat, dus tot 2014.
    Met de verschuiving van de macht inzake de formatie van de Kroon naar de Kamer zelf, wordt de Kamer zelf verantwoordelijk. Ook voor het al dan niet vallen van regeringen en nieuwe regeringen. Het kan best zijn dat deze ontwikkeling ertoe bijdraagt dat we in de toekomst minder vaak naar de stembus hoeven.

    Ik denk dat de oplossing meer gezocht moet worden in het bestaande systeem, door nuancewijzigingen. Zoals Joep voorsteld om het systeem radicaal te wijzigen, ligt niet voor de hand en maakt m.i. het thans bestaande (gebrek aan) vertrouwen in de politiek niet beter.

  6. Arno says:

    Maar, andersom, zou een regering dan moeten aftreden bij nieuwe verkiezingen als die regering nog geen vier jaar zit? Als na de nieuwe verkiezingen een regering nog steeds een meerderheid heeft, is daar in principe ook geen noodzaak voor, toch? Anders krijg je ook regeringen die voor een paar maanden tot een jaar geformeerd worden, lijkt me ook onzinnig.

    • Maarten vR says:

      Het gaat om het kiezersmandaat. Die wordt in beginsel voor 4 jaar gegeven. Mocht een regering vallen, kan binnen de huidige verhoudingen worden gekeken of een andere coalitie mogelijk is. Pas als dit echt niet gaat, kan een besluit tot ontbinding van de Kamer worden voorbereid, wat leidt tot nieuwe verkiezingen. Mocht een nieuwe coalitie wel te vormen zijn, is hun mandaat in principe beperkt tot het restant van het gegeven mandaat van 4 jaar. Uiteraard bestaat er geen bezwaar dat die regering doorregeert op het moment dat die coalitie ook na nieuwe verkiezingen een voldoende mandaat krijgt van de kiezer (even daargelaten dat ze wel opnieuw moeten worden benoemd etc.). Er is geen staatsrechtelijk bezwaar waarom de oude regering niet tevens de nieuwe regering zou mogen zijn. Wel is het zo dat de “nieuwe” regering in beginsel een nieuw mandaat krijgt voor 4 jaar en dus niet gedwongen is om 4 jaar na de start van hun coalitie (restant oud mandaat) af te treden.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*