De houdbaarheid van onze antibiotica is aan het verlopen. Zo bleek tijdens het Nijmeegse Science Cafe van maandag 14 november met als onderwerp “Resistente bacteriën, een menselijke fout?“. Halverwege de 20e eeuw leken antibiotica het einde van alle bacteriële infecties te betekenen. Begin 21e eeuw blijkt dat een illusie: door het grootschalige gebruik van antibiotica zijn veel bacteriën resistent geworden tegen onze antibiotica en werken de wondermiddeltjes steeds minder vaak.

Zoals de meeste aanwezigen, zo bleek, was ik in de veronderstelling dat het niet afmaken van een antibiotica-kuur deze resistentie bevorderde. Niets bleek minder waar: door voortijdig te stoppen met een kuur worden bacteriën niet resistent, sterker nog, hoe minder antibiotica genomen wordt, hoe minder resistentie optreedt. Wat dat betreft kon een kuur zelfs beter niet afgemaakt worden, zo meldde VU hoogleraar Medische Microbiologie Christina Vandenbroucke-Grauls, daarin niet tegengesproken door haar VU-collega prof. Wilbert Bitter en hun Nijmeegse collega prof. Paul Verweij. Het afmaken van de kuur is overigens meestal wel in het belang van de patiënt, zo benadrukte zij.

Waar komt resistentie vandaan? Zoals de meeste antibiotica al miljoenen jaren in de natuur voorkomen, geldt dat ook voor de resistentie daartegen bij bacteriën. Het verschil met nu is dat het aandeel resistente bacteriën explosief gestegen is, samen met het gebruik van antibiotica. Door veelvuldig onzorgvuldig gebruik in geneeskunde en veeteelt zagen we aan een belangrijke poot van onze geneeskunde. Een verschijnsel dat volgens recent Nijmeegs onderzoek van gespreksleider Paul Verweij analoog bij de bestrijding van schimmels lijkt op te treden.

Volgens Wilbert Bitter is onderzoek naar nieuwe antibiotica voor farmaceuten een weinig lucratieve business. Dat zou komen door de grote complexiteit en geringe kans van slagen, gecombineerd met de relatief korte tijd van twintig jaar waarin een medisch octrooi geldig is. Binnen deze periode moet de farmaceut het alleenrecht op het intellectuele eigendom immers volledig hebben geëxploiteerd.

Daarop rees bij mij de vraag of dit wel zaken zijn die we moeten overlaten aan het winstbejag van de farmaceuten. Neem het ze eens kwalijk dat ze aan hun continuïteit denken. Zou de Wereldgezondheidsorganisatie hier geen toonaangevend onderzoeksinstituut voor moeten opzetten vanuit een grote pot met geld van de rijkere landen? Daarbij kunnen best farmaceuten met hun expertise worden ingehuurd, maar alles in dienst van dit instituut. Duur zal het zijn, maar uiteindelijk betaalt de “consument” via de farmaceut ook gewoon de hoofdprijs. Een verschil is echter fundamenteel: niet de opbrengst maar de geneeskunde telt. Waar en hoe een middel wordt ingezet en gecontroleerd, wordt bepaald door de experts van het instituut. Immers: wie betaalt bepaalt. Ook op de lange termijn, na verlopen van het octrooi, moet het middel nog effectief zijn, en niet het marktrendement van het product telt, maar de medische baten.

Helaas leken de Amsterdamse onderzoekers van mening dat de farmaceuten het product vanwege hun expertise behoorden te exploiteren. Ik geloof best dat zij dat beter kunnen, en ben in veel opzichten helemaal niet vies van marktwerking. Toch zet ik er mijn vraagtekens bij of een belang dat zo primair is als onze gezondheidszorg moet worden overgelaten aan de rudimentaire wetten van de markt.

deze tekst verscheen op 16 november op RadboudNet

7 Responses to Antibiotica zijn niet voor eeuwig

  1. Bas Fransen says:

    Resistentie is op dit moment nog goed te ondervangen door het goed wisselen van eerste keus AB (zoals in Nederland in de huisartsenpraktijken gebeurt) en het spaarzaam inzetten van de nieuwere middelen om die als een soort back-up te bewaren tot de resistentie voor de oudste middelen compleet is.

    Helaas hebben niet alle landen hetzelfde conservatieve AB-beleid als Nederland en kunnen mensen het in meerdere landen, ook hier in Europa, gewoon zelf in de supermarkt kopen.

    Het ergste is echter, en hier ga je me aardig vinden Joep, de idiote hoeveelheden AB die gebruikt worden door boeren. Er zijn boeren hier in Nederland die hun kippen preventief consequent 3e generatie cefalosporines geven, wat in ziekenhuizen men niet durft aan te raken omdat het op dit moment ons allerlaatste redmiddel is.

    Als we eerst de boeren en de nationale regelgeving rechttrekken hebben we in mijn ogen veel meer gedaan tegen resistentie dan door de farmaceutische meteen alle incentive te ontnemen om nog nieuwe AB te ontwikkelen.

    • Joep says:

      Hear hear! Helemaal met je eens. Het probleem is nog niet zo groot als het gaat worden (hoewel er recent mensen zijn overleden ten gevolge van dit probleem), maar vooruitkijken is wel nodig. Steeds meer “ziekenhuisbacteriën” zijn tegen een grote fractie van de antibiotica resistent, en dit neemt sterk toe. Voorkomen van resistentie (kan op verschillende manieren, maar terughoudendheid in gebruik is een belangrijke) is de beste kans die we hebben. Toch zou een nieuw antibioticum, waar heel terughoudend mee zou worden gewerkt, een hele waardevolle “backup” zijn.

  2. Joost says:

    Laten we eens een beetje out-of-the-box denken:

    – de vergrijzing;
    – de klimaatcrisis;
    – de energiecrisis;
    – de voedselcrisis;
    – de watercrisis.

    Al deze crises hangen in meer of mindere mate samen met de ongebreidelde bevolkingsgroei in de wereld, en scheve demografische verhoudingen. Wanneer we de aanstaande problematiek rondom antibiotica nu eens lekker ongemoeid laten, en ons niet laten verleiden tot het opvangen van de gevolgen hiervan door extra investeringen in de zorg (zeg maar: een gezond passief euthanasiebeleid), lossen we alle bovengenoemde problemen in de komende decennia zomaar op. Allemaal in ruil voor een beetje menselijk leed.

    I’ll take my chance!

    #TheNewDeal

  3. Ilse says:

    Bas, je hebt het over de idiote hoeveelheid antibiotica die boeren hun vee geven. Nu vraag ik me af in hoeverre je hier alleen de boeren de schuld van kunt geven, het is namelijk in Nederland zo geregeld dat een veearts de antibiotica voorschrijft. Het kromme aan deze constructie is dat de veearts de antibiotica ook verkoopt. De veearts verdient dus zelf aan elk voorgeschreven antibioticum. Ik ken er twee (veeartsen dus) waarvan ik met beiden wel eens een kleine discussie hierover ben begonnen. Zij ontkenden in alle toonaarden dat de hoeveelheid medicatie slecht was voor hun vee. Ik heb het idee dat deze hoeveelheden voorschrijven deel uitmaakt van de cultuur binnen het vakgebied. Tel hierbij op het winstbejag van de farmaceuten en we hebben een inderdaad heerlijk verziekt gezondheidsstelsel door de rol die de commercie hierin speelt.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*