Onlangs werd mijn zoontje twee. We hadden hem gevraagd wat hij graag wilde hebben. Zijn wens was ondubbelzinnig en duidelijk: meneer wilde “een taartje en een kleine, blauwe ballon”. De lieverd. Dat is een kleine moeite, zou je denken. Maar zo werkt de wereld natuurlijk niet.

Want alleen een taartje en een ballon, dat vonden we wel erg weinig. Dus kochten we er als liefhebbende ouders toch maar een doos Duplo bij, ondanks dat hij daar al het nodige van had. En nog een paar kleine dingetjes. Cadeautjes uitpakken is leuk voor zo’n kind, toch?

En toen kwam de rest van de familie. Van de ene kant kwam meer Duplo, en een houten trein, en spullen om mee te knutselen. Van de andere kant kwam nog meer Duplo, inclusief een enorme treinbaan. En ander speelgoed, inclusief een pop.

Geheel terzijde, die was geen succes. We vinden het goed om onze knul niet alleen met auto’s, treinen, en ander stereotype jongengsspeelgoed te laten spelen. Prima dus, die pop. Die werd, na het uitpakken, echter met een wat sceptische blik bekeken:
“Wat is dát?”
“Dat is een pop, jongen”
***een nog sceptischer blik***
“Wil je je pop geen naam geven?”
“Niets. Die pop heet Niets.”
En dat was het. Niets heeft één van de overvolle speelgoedmanden sindsdien niet meer verlaten, en kan alleen maar hopen, zich enigszins ongewenst voelend, dat er ooit, ergens in de toekomst, een keer een zusje mag volgen.

Maar terug naar de verjaardag van onze zoon. Hij kreeg óók zijn kleine blauwe ballon, en zijn taartje. Waar hij heel gelukkig mee was. En nog veel meer, waar hij óók blij van werd.

Alles bij elkaar heeft hij nu zo veel speelgoed, dat hij soms niet weet waar hij mee moet spelen. En nu zitten we hier, in onze woonkamer, te midden van bergen speelgoed, waardoor we niet meer kunnen lopen, en onze vloer niet meer kunnen zien.

Zoonlief heeft maar wat geluk, met zijn familie. En zijn spullen, en speelgoed (nou ja, met uitzondering van Niets). Toch bekruipt me ergens de gedachte, dat we met zijn allen wat zijn doorgeslagen in het ‘kopen van spullen’. Want laten we wel wezen: hoe moet dit verder als hij drie wordt?

János

Tagged with:
 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *