De kwaliteit van het hoger onderwijs is niet in orde, diploma’s worden weggegeven, op onze hogescholen en universiteiten wordt gefraudeerd. Reden voor paniek, blinde paniek, en grote ophef! Althans, verhalen van deze strekking komen af en toe in de media. Soms is er dan inderdaad iets mis met de kwaliteit van diploma’s. En dat is dan vrijwel de enige keer dat u iets zult lezen over hoe de kwaliteit van ons hoger onderwijs wordt gewaarborgd. Misschien terecht, want het is een saai onderwerp, over kwaliteitskaders, controlemechanismen en accreditatie.*

Nog niet afgehaakt? Gelukkig, want het onderwerp is wel belangrijk. Wat voor zich spreekt, omdat de kwaliteit van ons hoger onderwijs ontzettend belangrijk is. Die bepaalt immers de kwaliteit van het hoger opgeleide deel van onze beroepsbevolking, zoals docenten en medici. Het is daarom jammer dat de vraag ‘hoe garanderen we eigenlijk dat de kwaliteit van dat onderwijs in orde is?’ alleen in de media komt als er ergens iets mis gaat of ergens een schandaaltje is.

Daarom een serie artikelen met aandacht voor dit onderwerp. Het is actueel, want binnenkort gaat de discussie over deze wetgeving spelen in ‘Den Haag’.

De controle van de overheid op de kwaliteit van hogescholen en universiteiten is een terugkerende discussie. Het systeem dat daar momenteel voor gebruikt wordt (‘accreditatie’) staat sinds de invoering onder druk. Recent gaf de minister aan de externe controle op opleidingen behoorlijk te willen versoepelen. Opvallend, want nog geen jaar geleden noemde Bussemaker de resultaten van het NVAO-rapport over geesteswetenschappen ‘ernstig’. Eén op de acht opleidingen was van onvoldoende kwaliteit. En dat was niet de enige ophef de afgelopen jaren over kwalitatief onvoldoende opleidingen in ons hoger onderwijs.

Waarom dan toch nu voorstellen om de kwaliteitscontroles af te zwakken? En hoe slim is dat? De komende tijd kunt u hier (onder andere) lezen over hoe het toezicht nu geregeld is, hoe het is ontstaan, wat de minister wil veranderen, en wat de positieve en negatieve kanten van de voorgestelde wijzigingen zijn. Graag neem ik de lezer mee op reis naar de wondere wereld van de borging van onze onderwijskwaliteit, waarbij ik zal proberen het meeste grauwe, depressieve kwaliteitszorgjargon te vermijden.

János Betkó was ruim vijf jaar lang secretaris bij opleidingscontroles (‘visitaties’) door onafhankelijke experts en was als bestuurslid van de Landelijke Studenten Vakbond betrokken bij de totstandkoming van de huidige wetgeving op dit gebied.

*Laten we reëel zijn: een deel van u zou überhaupt niet aan dit artikel zijn begonnen als het de meer accurate titel ‘kwaliteitsborging in het hoger onderwijs’ had gekregen.

De afbeelding is afkomstig van Wikimedia Commons

4 Responses to Kwaliteit van hoger onderwijs (1) – een introductie

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*